CLOSE ✕
Contact

Email Adress: Stg81282@gmail.com

Soerendra Rambocus

Soerendra Rambocus (1953), officier

Soerendra Rambocus was een aan de Koninklijke Militaire Academie te Breda afgestuurde officier.Surendra (‘Soerinder’) Sradhanand Rambocus werd op 5 mei 1953 geboren in het district Nickerie. Als zoon van een politie-inspecteur waren orde, tucht en discipline de elementen waarmee Soerinder opgroeide en die bepalend zouden zijn voor zijn verdere leven. Na het lyceum vertrok hij naar Nederland om te studeren aan de Koninklijke Militaire Academie te Breda. Hij volgde er de sociologisch-psychologische richting en in 1978 legde hij het officiersexamen met succes af.

Datzelfde jaar keerde Soerinder terug naar Suriname en trad hij als tweede luitenant in dienst van de krijgsmacht. Een jaar later werd hij bevorderd tot eerste luitenant. Wat hij in zijn opvoeding had meegekregen, mocht hij beroepsmatig overbrengen op anderen. Hij werd belast met de opleiding van dienstplichtigen op Zanderij, waar hij hun de vereiste militaire discipline bijbracht.

Toen de staatsgreep van 25 februari 1980 een feit was, was Soerinder er niet direct bij betrokken hoewel sommige officieren zeiden dat Surinder ook speelde met putschistische ideeën als optie uit de crisis in het land te geraken. Later zou hij zich met nog enkele andere jonge officieren scharen achter de nieuwe machthebbers. Hij werd door het Militair Gezag benoemd tot eerste man van het Nationaal Leger, met als opdracht de orde en discipline te handhaven.


Ondanks de aansluiting bij de coupplegers stond één ding voor hem vast: militairen horen in de kazerne thuis en niet ergens anders. Op het moment dat zij zich gingen bezighouden met politieke en bestuurlijke zaken, dienden zij eerst de wapenen en uniform in te leveren. Deze opvatting verkondigde hij ook in het openbaar. Wellicht was dat de aanleiding dat hij de leider van het Militair Gezag Bouterse hem liet arresteren en uit al zijn functies liet ontheffen. Soerinder zou tot drie keer toe worden aangehouden en vrijgelaten. Uiteindelijk moest hij onder dwang en druk van de militaire leiding Suriname verlaten.

Hij vestigde zich in Nederland en studeerde korte tijd rechten. Hij kon echter niet aarden in het kille klimaat en met toestemming van de militaire leiding keerde hij terug naar Suriname.
‘Al in zijn schooljaren is Soerinder strijdvaardig tegen onrecht, en is hij rechtvaardig en trouw aan zijn vrienden’, zegt zijn vrouw. Hij voelde ook trouw jegens Suriname. Op 11 maart 1982 ondernam hij met enkele militaire vrienden in de vroege ochtend een gewapende opstand tegen het militaire regime, de zogenoemde Rambocuscoup. Met zijn ‘Beweging van 11 maart 1982’ zei hij de democratie te willen herstellen: ‘Wij gingen over tot daden opdat er een eind zou komen aan dictatuur, onderdrukking, terreur, machtsmisbruik, willekeur, misleiding en volksverlakkerij’. Zijn machtsgreep bleek in eerste instantie met succes te verlopen, vele militairen liepen naar hem over, echter, de beruchte militair Lachman, die in 1981 de landbouwer Deta Mahès had vermoord en uit zijn gevangenschap was bevrijd door Rambocus, liep met een pantserwagen over naar Bouterse. De krachtsverhouding sloeg om.

De groep van Soerinder maakte geen slachtoffers en gevangengenomen tegenstanders werden vrijgelaten zonder moedwillig toebrengen van letsel. Hijzelf en medestanders zouden na arrestatie een andere behandeling ten deel vallen. De gewonde Wilfred Hawker werd uit het ziekenhuis gehaald en zonder vorm van proces geëxecuteerd. Soerinder en medestanders werden gemarteld.

Voor het militair tribunaal zei Soerinder in zijn ‘laatste woorden’: ‘Zij die vreedzame revoluties onmogelijk maken, maken gewelddadige revoluties onvermijdelijk. Geweld van de staat roept tegengeweld van de burgerij op, en als er geen rationele conflictoplossing komt, zal de spiraal van geweld uiteindelijk leiden tot ontbinding van de staat.’

Soerinder werd tot een lange vrijheidsstraf veroordeeld in een omstreden proces. Op 8 december werd hij echter in opdracht van Bouterse c.s. uit de gevangenis gehaald en naar het Fort Zeelandia gebracht om met veertien andere critici van de dictatuur te worden geëxecuteerd. Naar ooggetuigenissen gedroeg Soerinder heldhaftig in het Fort Zeelandia. Hij daagde Bouterse uit tot een vuurgevecht tussen twee mannen, waarbij de burgers met rust moesten worden gelaten. 
Op zijn graf kwamen de volgende woorden te staan: ‘Suriname zal vrij worden’. 
Hij kreeg gelijk, Suriname werd weer vrij.

Soerendra Rambocus wordt nationaal herdacht als een van de vijftien helden van de democratie.

Belangrijkste bron: Zolang ze praten, blijf ik. Een boek over de vijftien slachtoffers van 8 december 1982. Organisatie voor Gerechtigheid en Vrede (OGV), 2001, Paramaribo, Suriname.

BEKIJK DE DOCUMENTEN

Waarschuwing: in deze rapporten staan schokkende beschrijvingen!

BEKIJK